Home | Voorstelling | Gemeenteorganen | Administratie | Tourist Info | Informaties | Praktisch | Contact
Gemeenteorganen

Interpellatie

Het staat elke burger vrij om de gemeenteraad op een punt te wijzen dat hij of zij behandeld wil zien.

Procedure:
De burger richt een schrijven tot de gemeenteraad van de gemeente Bütgenbach (Zum Brand 40 in 4750 BÜTGENBACH) of tot een lid van de gemeenteraad dat de verdere stappen kan ondernemen.

Tijdens de gemeenteraadszitting zelf mag de individuele burger namelijk niet het woord nemen (Reglement van Inwendige Orde).

Een gemeenteraadslid kan echter de toevoeging van een of meerdere bijkomende punten aan de dagorde van een zitting van de gemeenteraad aanvragen (Reglement van Inwendige Orde).

Bovendien heeft elk gemeenteraadslid het recht om aan het college van burgermeester en schepenen schriftelijke of mondelinge vragen te stellen (Reglement van Inwendige Orde).



(Uittreksel uit het Reglement van Inwendige Orde van de gemeenteraad zoals dit door de gemeenteraad in haar zittingen van  29.06.1995, 16.11.1995 en 22.01.2001 werd goedgekeurd)

PARAGRAAF 11 - HANDHAVING VAN DE ORDE TIJDENS GEMEENTERAADSZITTINGEN

- SUBPARAGRAAF 1 - ALGEMENE BEPALINGEN

  • Artikel 24 - De voorzitter is gelast met het handhaven van de orde tijdens gemeenteraadszittingen.


- SUBPARAGRAAF 2 - HANDHAVING VAN DE ORDE IN HET PUBLIEK TIJDENS GEMEENTERAADSZITTINGEN

  • Artikel 25 - De voorzitter mag, na een voorafgaande waarschuwing, elke persoon die zijn/haar goedkeuring of afkeuring publiekelijk geuit of op een andere wijze onrust gezaaid heeft, onmiddellijk uit de zaal laten verwijderen.
    De voorzitter kan bovendien ten laste van de overtreder een proces-verbaal laten opstellen en hem/haar voor de politierechtbank brengen, die hem/haar tot een geldboete of een gevangenisstraf kan veroordelen, dit alles zonder afbreuk te doen aan andere vervolgingsmaatregelen wanneer de daad daartoe aanleiding zou geven.




(Uittreksel uit het Reglement van Inwendige Orde van de gemeenteraad zoals dit door de gemeenteraad in haar zittingen van  29.06.1995, 16.11.1995 en 22.01.2001 werd goedgekeurd)

PARAGRAAF 3 - BEVOEGDHEID OM OVER DE AGENDA VAN DE ZITTINGEN VAN DE GEMEENTERAAD TE BESLISSEN

  • Artikel 6 - Wanneer het college van burgermeester en schepenen de gemeenteraad op vraag van een derde van haar leden samenroept, bevat de dagorde van de zitting van de gemeenteraad in de eerste plaats de door de aanvragers van de zitting opgegeven punten.
  • Artikel 7 - Elk gemeenteraadslid kan de toevoeging van een of meerdere bijkomende punten aan de dagorde van een zitting van de raad aanvragen, waarbij:

a) elk niet in de dagorde opgenomen voorstel minstens vijf volle dagen voor de gemeenteraadszitting aan de burgemeester of zijn plaatsvervanger of aan de gemeentesecretaris of zijn aangestelde plaatsvervanger moet worden overhandigd.
b) een verduidelijking of een of ander document bij het punt moet worden gevoegd dat aan de gemeenteraad meer uitleg over het te bespreken punt geeft.
c) het voor een lid van het college van burgemeester en schepenen niet toegelaten is om van deze mogelijkheid gebruik te maken.
De burgemeester of zijn plaatsvervanger geeft de bijkomende punten van de dagorde onmiddellijk aan de gemeenteraadsleden door.




(Uittreksel uit het Reglement van Inwendige Orde van de gemeenteraad zoals dit door de gemeenteraad in haar zittingen van  29.06.1995, 16.11.1995 en 22.01.2001 werd goedgekeurd)

PARAGRAAF 20 - RECHT VAN DE GEMEENTERAADSLEDEN OM AAN HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN SCHRIFTELIJKE EN MONDELINGE VRAGEN TE STELLEN

  • Artikel 49 - De gemeenteraadsleden hebben het recht om aan het college van burgemeester en schepenen schriftelijke en mondelinge vragen over het bestuur van de gemeente te stellen.
  • Artikel 50 - De burgemeester of zijn plaatsvervanger antwoordt binnen de maand na de ontvangst op schriftelijke vragen.
  • Artikel 51 - Tijdens elke gemeenteraadszitting geeft de voorzitter na de behandeling van de in de dagorde van de openbare zitting ingeschreven punten het woord aan de raadsleden die gevraagd hebben om aan het college van burgemeester en schepenen mondelinge vragen te stellen. De mondelinge vragen moeten bondig geformuleerd worden en een kort antwoord mogelijk maken.
    Er wordt geen debat gevoerd in verband met een mondelinge of schriftelijke vraag. Het beantwoorden van mondelinge vragen gebeurt:
    • ofwel onmiddellijk,
    • ofwel tijdens de volgende gemeenteraadszitting alvorens de voorzitter het woord verleent aan een lid om eventueel nieuwe vragen te stellen.